Posted on

Wat zijn eiwitten?

Sfeerfoto noten in bakjes

Eiwitten, we kunnen niet zonder ze. Zonder eiwitten is spieropbouw onmogelijk en we kunnen zelfs onze kracht verliezen. Kortom, eiwitten zijn van belang in onze dagelijkse voeding.

Wat zijn eiwitten? - Food2Love.nlNet als koolhydraten zijn ook eiwitten voedingsstoffen. Eiwitten hebben meerdere functies. Het is een voedingsstof waar niemand zonder kan. Maar welke functies hebben eiwitten dan? Waarom kan ik niet zonder? In welke producten zitten eiwitten? Hoeveel moet ik daar dan van eten? Of terwijl, hoeveel eiwitten heb ik nodig op een dag? Al deze vragen worden beantwoordt in die artikel. Dus ben je nieuwsgierig hoeveel magere kwark jij moet eten (oeps, nu verklap ik al dat dat een grote eiwitbron is)? Lees dan snel verder!

Eiwitten zijn belangrijk. Ze leveren namelijk calorieën en aminozuren. Aminozuren zijn bouwstenen voor het eiwit. In totaal zijn er 22 aminozuren, waarvan je lichaam er zelf 13 kan aanmaken. De andere 9 moet je via je voeding binnenkrijgen.

Wat zijn de functies?

De belangrijkste functies van eiwitten zijn de opbouw en het herstel van lichaamscellen. Je kan dus niet zonder eiwitten, omdat je dan geen bouwstof hebt om nieuwe cellen mee aan te maken. Je takelt dan dus langzaam…. Daarnaast spelen ze ook een rol bij het transport van stoffen in het bloed en in de cel. Verder zijn eiwitten belangrijk bij de spijsvertering en bij het afweersysteem.

Hoeveel eiwitten heb jij nodig?

Dat ligt er aan hoeveel je weegt. Gemiddeld heeft een gezond volwassen persoon per kilogram lichaamsgewicht 0,8 gram eiwit per dag nodig. Dat komt neer op zo’n 56 gram eiwit voor iemand die 70 kg weegt. Echter kunnen verschillende situaties ervoor zorgen dat iemand meer eiwit nodig heeft, bijvoorbeeld door zwangerschap, ziekte, sport of als je vegetarisch eet. Ook leeftijd is van invloed. Over het algemeen eten mensen meer eiwit dan nodig, dit is voor de meeste mensen niet schadelijk want dat wordt afgebroken en verlaat het lichaam via het plassen.

Dierlijke en plantaardige eiwitten

Maar nu hebben we het al de hele tijd over eiwitten en weet je nog niet waar het in zit. Er zijn twee soorten eiwitten, dierlijke en plantaardige eiwitten. Dierlijke eiwitten zitten vooral in vlees, vis, kip, melk, kaas en eieren. Plantaardige eiwitten zitten vooral in brood, graanproducten, peulvruchten, noten en paddenstoelen. Vlees en kip zijn het rijkst aan eiwit. Een stukje kipfilet van 100 gram bevat al 30,5 gram eiwit. Dus als je maar 57 gram nodig hebt op een dag, ben je alleen met dat stukje kip al over de helft. Nog zo’n eiwittopper is magere kwark. Daarin zit per 200 gram 26 gram eiwit.

Als je zo ‘makkelijk’ via gewone voeding aan je eiwitbehoefte komt, waarom zijn er dan shakes, repen en van alles verkrijgbaar waarop staat extra ‘Proteine’(eiwitten). Dit wordt vooral gebruikt door sporters, met name krachtsporters.

Over eiwitten en sport zal Rosella in het volgende artikel meer vertellen.

 

Mijn naam is Nikki Gerritsen. Ik ben opgegroeid in een klein dorp en nu woon ik alweer een aantal jaren in Arnhem met mijn man en dochter. Mijn interesse voor voeding is altijd al groot geweest, mede door voedselallergieën in mijn tienerjaren. Hierdoor ben ik mij toen al gaan verdiepen in voeding. Naast het moeder-zijn vind ik mijn werk als diëtist ontzettend leuk. Elke dag is anders en elke cliënt is anders. Ik draai spreekuur bij een diëtistenpraktijk waar ik op verschillende locaties zit en diverse doelgroepen zie.

Met elke cliënt stel ik een passend behandelplan op en daarbij ook doelen. Het leukste aan mijn werk vind ik om mensen te coachen en te motiveren, maar vooral om te enthousiasmeren mensen een voor hen gezond voedingspatroon aan te leren. Dat gezonde voedingspatroon is namelijk voor iedereen anders. Ik zal mijn kennis en eigen ervaring in combinatie met wetenschappelijke feitjes met jullie gaan delen in artikelen en weetjes.

Posted on

Wat betekent glycemisch? En wat is een glycemische index?

Sfeerfoto honing in bakje

‘Snelle suikers’, je hebt er vast wel eens van gehoord. Maar waarom heten het snelle suikers? En zijn snelle suikers beter of juist slechter voor je lichaam dan de langzame suikers? In dit artikel ga ik hier verder op in.

De glycemische index, ook wel GI, is een maat om aan te geven of een product veel snelle suikers bevat of meer langzamere suikers. Hoe dit bepaald wordt is door te kijken hoe snel de suikers (glucose) van een product in het bloed wordt opgenomen.

Druivensuiker is een snelle koolhydraat en heeft een hoge GI, net als alle andere snelle koolhydraten. Noten bevatten daarentegen langzame koolhydraten en hebben dus een lage GI. Hoe wordt deze GI dan bepaald en wat kan je hier nou mee verder in je voeding?

Van elk product kunnen we de GI bepalen. Deze waarde is wel afhankelijk van veel factoren, zoals de bereidingswijze, de temperatuur, de snelheid van iemands darmen en bij fruit ook hoever het gerijpt is. Dit zijn allemaal factoren die de GI kunnen beïnvloeden. Daarnaast worden koolhydraten vaak in combinatie met andere voedingsstoffen gegeten, zoals vet. Ook vet is weer van invloed op de GI. Alle producten hebben een GI waarde. Deze wordt bepaald aan de hand van een gewogen gemiddelde van de ingrediënten waaruit je maaltijd bestaat.

Even concreet. Wat is dan een hoge GI of een lage GI? Daarvoor wordt het volgende aangehouden:
Laag GI = 55 of minder
Gemiddeld GI= 56-69
Hoog  GI = 70 of meer

Wat betekent glycemisch? En wat is een glycemische index? - Food2LoveIn wetenschappelijke studies wordt aangetoond dat voeding met een lagere GI tot heel iets gewichtsafname lijdt. Ook is aangetoond dat deze voeding bij vrouwen de kans  op bepaalde hart- en vaatziekten verlaagd. Het tegenstrijdige is dat volkorenbrood een hoge GI heeft, maar ook wel weer bewezen gezondheidsvoordelen, zoals een kleinere kans op hart- en vaatziekten. In Nederland wordt de GI nog niet gebruikt bij het geven van voedingsadviezen. Dit komt omdat de rol van de GI in relatie tot chronische ziektes nog onduidelijk is.

Uit ervaring binnen de praktijk merk ik dat we niet bewust werken met de GI, maar er wel rekening mee houden. Een gezond voedingspatroon bestaat o.a. uit groenten, fruit, peulvruchten, zuivel, volkoren pasta en noten. Deze hebben allemaal een lage GI. Aardappelen en volkorenbrood hebben wel een hoge GI, maar kunnen prima gegeten worden in combinatie met producten met een lage GI. Voor mensen met diabetes ligt dit anders. Daarvoor zijn er alternatieven, zoals koolhydraatarm brood of een minimale hoeveelheid aardappelen.

Kortom, hou jij je aan de richtlijnen van een gezond voedingspatroon? Dan hou je onbewust ook rekening met de glycemische index van producten. In principe zal ieder mens voeding binnenkrijgen met een lage GI en een hoge GI. Zoals eerder benoemd is dat prima, omdat niet alle voeding met een hoge GI ongezond is en zelfs bewezen gezondheidsvoordelen kan hebben!

Naast koolhydraten zijn eiwitten ook een belangrijke bron in een gezond voedingspatroon. In het volgend artikel gaan we verder in op eiwitten.

Tot dan!

 

Mijn naam is Nikki Gerritsen. Ik ben opgegroeid in een klein dorp en nu woon ik alweer een aantal jaren in Arnhem met mijn man en dochter. Mijn interesse voor voeding is altijd al groot geweest, mede door voedselallergieën in mijn tienerjaren. Hierdoor ben ik mij toen al gaan verdiepen in voeding. Naast het moeder-zijn vind ik mijn werk als diëtist ontzettend leuk. Elke dag is anders en elke cliënt is anders. Ik draai spreekuur bij een diëtistenpraktijk waar ik op verschillende locaties zit en diverse doelgroepen zie. Met elke cliënt stel ik een passend behandelplan op en daarbij ook doelen. Het leukste aan mijn werk vind ik om mensen te coachen en te motiveren, maar vooral om te enthousiasmeren mensen een voor hen gezond voedingspatroon aan te leren. Dat gezonde voedingspatroon is namelijk voor iedereen anders. Ik zal mijn kennis en eigen ervaring in combinatie met wetenschappelijke feitjes met jullie gaan delen in artikelen en weetjes.

Posted on

Wat zijn koolhydraten?

Sfeerfoto noodles in bakje

Koolhydraten, een energiebron waar niemand zonder kan. De hoeveelheid koolhydraten die jij nodig hebt op een dag is anders dan de hoeveelheid die je buurman of buurvrouw nodig heeft. Dit hangt af van je dagelijkse activiteiten. Heb je bijvoorbeeld zittend werk of sta je juist veel? Doe je aan beweging? Bij alles wat we doen gebruiken we koolhydraten. Soms veel en soms maar een klein beetje. Voor de hersenen zijn de koolhydraten zelfs de belangrijkste bron. De hersenen gebruiken bij het lezen van dit artikel alleen al een glucose, een soort koolhydraat.

Glucose verkrijgen we door koolhydraten te eten. Koolhydraten zitten bijna overal in. In volkorenbrood, volkorenpasta, aardappelen, fruit, groente, koek, gebak, maar ook in vruchtensappen en melkproducten.

Er bestaan verschillende soorten koolhydraten: monosachariden, disachariden, oligosachariden en polysachariden.

Enkele voorbeelden van bovengenoemde koolhydraten:

– Monosachariden zitten in vruchtensuiker, zoals een mango, sugar snaps of honing
– Disachariden zitten in melksuiker. Dit is de lactose die we vinden in onze melkproducten
– Oligosachariden zitten in peulvruchten zoals pistachenoten, kikkererwten of doperwten
– Polysachariden: hieronder valt de zetmeel in onze aardappelen en graanproducten

Wat zijn koolhydraten? - Food2Love.nlDe meeste koolhydraten worden door het lichaam omgezet in glucose. De vertering van koolhydraten gebeurt al in de mond door ons speeksel. Maar niet alle koolhydraten zijn verteerbaar en alleen de koolhydraten die verteerd zijn door ons lichaam worden opgenomen en opgeslagen om energie te leveren. Vezels zijn ook koolhydraten. Deze worden niet gebruikt als energiebron, maar voor een goede werking van de darmen, zoals een gezonde stoelgang.

Ons lichaam heeft maar een beperkte opslag voor glucose. Dit betekent dat als we meer koolhydraten eten dan we kunnen verbanden, dit wordt omgezet in vet in het lichaam.

De snelheid van de opname van de koolhydraten in ons bloed heeft te maken met de glycemische index (GI). Zo laten gedroogde abrikozen, pinda’s, yoghurt en haver onze bloedsuiker minder snel stijgen dan bijvoorbeeld ananas, witbrood of biscuitjes. In het volgende artikel geef ik meer uitleg over de glycemische index.

Tot de volgende keer!

 

Mijn naam is Rosella Berghuis en ik woon in Soest. Sinds 2011 heb ik mijn eigen diëtistenpraktijk waarmee ik aan de slag kan met mijn grote passies: voeding en gezondheid.

Ik sta met elke cliënt, elke dag weer voor een uitdaging om dichter bij zijn of haar doelen te komen. Gelukkig hebben we hiervoor bestaande richtlijnen, maar ik vind het belangrijk om ieders individuele wens op een leuke manier haalbaar te maken.

Gezonde voeding is tenslotte voor iedereen anders. Daarom deel ik graag wetenschappelijke feitjes met jullie waarbij ook mijn eigen ervaring en visie om de hoek komt kijken.

Posted on

2000 calorieën voor vrouwen en 2500 calorieën voor mannen? Uh…?

Sfeerfoto brood en weegschaal

Maandagochtend 09.00 uur, mijn eerste intake. “Ik mag toch 2000 calorieën?’,is de vraag die een 56 jarige vrouw van 1.68m aan mij stelt. ‘En mijn man mag er 2500’?

Vinden jullie het niet bijzonder dat dát aantal calorieën gemiddeld wordt geadviseerd?

Ik wel, vooral omdat ieder persoon anders is. Zelf heb ik een behoorlijke lengte, het zou toch gek zijn als iemand die 20 centimeter kleiner is hetzelfde aantal calorieën nodig heeft? In het vorige artikel heeft mijn collega Rosella al meer verteld over het begrip calorieën. In dit artikel wil ik graag vertellen hoe je deze calorieën het beste kunt opbouwen, verschillend per doelgroep.

Om je caloriebehoefte te berekenen is er een formule, namelijk de Harris en Benedict-formule. Door gegevens van jezelf in te vullen kun je hiermee berekenen hoeveel calorieën jij dagelijks mag hebben. Stel er komt 1854 calorieën bij jou uit, weet je dan met welk eten je dit in moet vullen? Waarschijnlijk niet helemaal. Hoe iemand deze calorieën moet invullen, ligt aan zijn doel of eventuele ziektebeeld.

Mensen met diabetes hebben baat bij het eten van minder koolhydraten. Duursporters daarentegen hebben juist meer koolhydraten nodig. Krachtsport staat juist weer in het teken van eiwitten. Zo is er bij elke doelgroep, of beter gezegd, bij elk doel wat een persoon heeft, een andere invulling van de voeding van belang. Iemand die dus diabetes heeft bouwt deze 1854 calorieën op met voeding die hoog zit in eiwitten en vetten maar laag in koolhydraten. Dit is bijvoorbeeld Griekse yoghurt, walnoten, koolhydraatarm brood en een beperkte hoeveelheid fruit. Daarentegen vult een duursporter deze calorieën in met behulp van koolhydraatrijke voeding als bananen, havermout, zilvervliesrijst en volkoren boterhammen. Krachtsporters en vegetariërs hebben beide meer eiwitten nodig. Een krachtsporter kan dit onder andere halen uit vlees (grootste bron van eiwit). Voor een vegetariër is dit natuurlijk niet mogelijk. Zij halen de eiwitten uit eieren, peulvruchten en sommigen ook uit vis (pescotariërs). In de praktijk gaat dit helaas bij veel mensen nog mis. Een diabeet eet bijvoorbeeld netjes volgens de Schijf van Vijf, kiest voor magere producten en eet 3 stuks fruit per dag. Zijn suikerwaarden blijven hoog, ra-ra hoe kan dit? Dat kunnen jullie inmiddels ook wel vertellen. Zo is er voor nog veel meer doelgroepen advies te geven over hoe je de calorieën moet opbouwen. Een ‘gemiddeld’ gezond persoon verdeelt zijn calorieën op de volgende manier: 20-40% vet, minimaal 40% koolhydraten en 0,8 gram eiwit per kg lichaamsgewicht. Als je er niet uitkomt raad ik altijd aan om hulp te vragen aan een deskundige.

Voeding bijhouden in een app kan dus toch wel nuttig zijn, alleen moet je wel verder kijken dan je neus lang is. Ga niet alleen op de calorieën af, maar kijk juist hoe je deze calorieën hebt opgebouwd. Hoeveel eiwitten totaal? Hoeveel vet? Hoeveel koolhydraten? Trouwens, wist je dat er verschillende soorten koolhydraten zijn? Daar zullen we in het volgend artikel uitgebreid bij stil staan. Dat artikel verteld namelijk alle ins en outs over koolhydraten.

Tot dan!

 

Mijn naam is Nikki Gerritsen. Ik ben opgegroeid in een klein dorp en nu woon ik alweer een aantal jaren in Arnhem met mijn man en dochter. Mijn interesse voor voeding is altijd al groot geweest, mede door voedselallergieën in mijn tienerjaren. Hierdoor ben ik mij toen al gaan verdiepen in voeding. Naast het moeder-zijn vind ik mijn werk als diëtist ontzettend leuk. Elke dag is anders en elke cliënt is anders. Ik draai spreekuur bij een diëtistenpraktijk waar ik op verschillende locaties zit en diverse doelgroepen zie. Met elke cliënt stel ik een passend behandelplan op en daarbij ook doelen. Het leukste aan mijn werk vind ik om mensen te coachen en te motiveren, maar vooral om te enthousiasmeren mensen een voor hen gezond voedingspatroon aan te leren. Dat gezonde voedingspatroon is namelijk voor iedereen anders. Ik zal mijn kennis en eigen ervaring in combinatie met wetenschappelijke feitjes met jullie gaan delen in artikelen en weetjes.

 

Posted on

Zijn jouw calorieën in verhouding?

Sfeerfoto buik met handen ervoor in hartvorm

‘Ik hou altijd mijn calorieën bij in een app’… is wat we dagelijks in de praktijk horen. Maar zeggen alleen de calorieën ons iets? Of komt er stiekem meer bij kijken? Want even kort door de bocht, heeft  1500 calorieën suiker hetzelfde effect als 1500 calorieën vet?

Net als in het vorige artikel over ‘Meten = weten’ met betrekking tot je gewicht, is meten = weten ook niet geheel onbelangrijk als jij je voeding wilt bijhouden in een app. De meerderheid van de mensen die het bijhouden, kijken alleen naar de calorieën. Bij velen is bekend dat de algemene richtlijn voor het dagelijks aantal in te nemen calorieën voor vrouwen staat op 2000 calorieën en voor mannen op 2500 calorieën. Het volgende artikel gaat over deze richtlijnen, maar dat even terzijde.

Het bijhouden van je calorieën in een app kan zinvol en handig zijn om inzicht te krijgen in wat er wordt gegeten op een dag. Echter zeggen de calorieën niet alles. Om even een kleine basisintroductie te geven over calorieën: een calorie levert ons energie. Zo levert 1 gram koolhydraat 4 calorieën, 1 gram vet 9 calorieën, 1 gram eiwit 4 calorieën en 1 gram alcohol 7 calorieën. Op producten van de meeste voedingsmiddelen zie je de voedingswaarde en het totaal aantal calorieën vermeld staan. Hierbij zie je ook dat er duidelijk onderscheidt wordt gemaakt tussen de drie groepen: koolhydraten, vetten en eiwitten.

Zijn jouw calorieën in verhouding? - Food2Love.nl

Een voorbeeld: iemand wil graag 1500 calorieën op een dag eten. Die dag wordt er een pizza gegeten van 800 calorieën, waardoor er nog 700 calorieën overblijven. Als vervolgens hiervan 700 calorieën aan brood wordt gegeten, is de 1500 aangetikt, met als resultaat dat er veel koolhydraten binnen zijn gekregen, maar er wel is vastgehouden aan de 1500 calorieën. Wellicht een gek voorbeeld, maar dit is wel wat er in de praktijk gebeurt.

Wat ik hiermee wil zeggen is dat het tellen van calorieën niet het belangrijkste is.

Het is ten eerste belangrijk om eens te kijken naar de regelmaat in je voeding, maar vooral de verdeling van je calorieën. Zijn de inname van calorieën alleen maar koolhydraten? Of alleen maar vetten? De calorieën zeggen namelijk weinig over de verhouding in jouw calorieën. Ook zeggen ze niks over hoe snel het wordt opgenomen en wordt omgezet in het lichaam. De ene koolhydraat is namelijk niet de andere koolhydraat en teveel koolhydraten die niet verbrand worden, worden in het lichaam omgezet in vet. Pure kristalsuiker wordt bijvoorbeeld sneller in ons lichaam opgeslagen en omgezet in vet dan bijvoorbeeld honing. En krijgen we wel voldoende eiwitten binnen? Eiwitten zijn een belangrijke bron voor onze weefsels en spieren.

Voor iemand die globaal inzicht wil in zijn voeding is het daarom van belang ook naar de verdeling van de koolhydraten, vetten en eiwitten te kijken. Een verhouding volgens de richtlijn is 30% eiwitten, 50% koolhydraten en 20% vetten. In het volgende artikel neem ik je graag mee waarom dit een absolute richtlijn is en dat het per persoon kan verschillen en het dus eigenlijk een behoorlijke zoektocht is naar wat voor jou een juiste verhouding is.

Hopelijk kan ik je in het volgend artikel meenemen in een goede zoektocht naar jouw calorieën.

 

Mijn naam is Rosella Berghuis en ik woon in Soest. Sinds 2011 heb ik mijn eigen diëtistenpraktijk waarmee ik aan de slag kan met mijn grote passies: voeding en gezondheid.

Ik sta met elke cliënt, elke dag weer voor een uitdaging om dichter bij zijn of haar doelen te komen. Gelukkig hebben we hiervoor bestaande richtlijnen, maar ik vind het belangrijk om ieders individuele wens op een leuke manier haalbaar te maken.

Gezonde voeding is tenslotte voor iedereen anders. Daarom deel ik graag wetenschappelijke feitjes met jullie waarbij ook mijn eigen ervaring en visie om de hoek komt kijken.

Posted on

Meten is weten…

Sfeerfoto spijkerbroek met meetlint

Hoe vaak reken jij je BMI uit? Wil je weten waarom ik een BMI niet het belangrijkste vind en vooral kijk naar de meetwaardes? Lees dan snel verder en wellicht denk jij er na het lezen ook anders over.

Meten is weten…

…maar het is wel belangrijk dit op een juiste manier te doen. Veel mensen die beginnen met sporten en op hun voeding gaan letten, stoppen er na 4 weken mee omdat ze geen resultaten zien. Want het enige resultaat dat telt is het gewicht…

Waarom laten we ons gek maken door het getal van een gewicht en door de uitkomst van de BMI?

De BMI (Body Mass Index) is een maatstaf om een indicatie te geven of iemand een gezond gewicht heeft, onder- of overgewicht of obesitas. Een BMI tussen de 20 en 25 wordt als gezond beschouwd. Een BMI hoger dan 25 wordt als overgewicht beschouwd en een BMI van meer dan 30 als obesitas. Maar het zegt allen niet zo veel over onze gezondheid. Zo valt bij mensen die veel spiermassa hebben de BMI ongetwijfeld hoger uit, terwijl bij andere mensen, met bijvoorbeeld een verhoogd vetpercentage hebben, de BMI gezond kan uitvallen.

Betekent het dan dat mensen met een verhoogde BMI meteen een ongezond gewicht hebben?

Die logica heb ik nooit begrepen. Om de BMI uit te rekenen is niet meer nodig dan een gewicht en een lengte, ermee rekening houdend  dat het gewicht eigenlijk ook maar een getal is. Veel mensen wegen zichzelf elke dag en zien ontzettend veel schommelingen in hun gewicht. Dit kan per dag wel 0,5 tot 1,0 kilo schelen. Vele mensen blijven denken “als we vandaag goed ons best doen, zijn we morgen wat gewicht kwijt”. Helaas is dit toch vaak niet zo. Dat heeft alles te maken met de vochtschommelingen in ons lichaam. Heb je gisteren veel gesport, veel gezweet, maar niet goed aangevuld, dan is de kans groot dat je morgen lichter bent. Heb je vandaag een uitgebreid diner gehad en heb je een paar wijntjes gedronken? Dan ben je morgenochtend veel zwaarder dan je gisteren was, vanwege het zout en het vasthouden van vocht hierdoor.

Als je toch alleen naar je gewicht kijkt, kies dan, omwille van de vochtschommelingen, één moment in de week waarop jij je gaat wegen. Bij voorkeur in de ochtend en op een nuchtere maag. Hierdoor krijg je een minder vertekend beeld van je gewicht en uiteindelijk dus minder frustraties dat het gewicht zo schommelt.

Onthoud dat je met sporten meer spieren aanmaakt en dat spieren zwaarder wegen dan vet. Hierdoor kan je soms de eerste weken in gewicht gelijk blijven en soms zelfs aankomen. Maar niet getreurd, meer spieren zorgen ook voor een snelle verbranding waardoor je vetpercentage ook naar beneden zal gaan.

De oplossing om je niet alleen te focussen op je gewicht, is naast in jezelf blijven geloven dat je het echt goed doet, je te focussen op voldoende beweging in combinatie met een gezond voedingspatroon. Een andere manier is om je lichaamsomtrek te meten. Neem een centimeterlint en meet je middelomtrek, bovenbenen en bovenarmen. Doe dit één keer in de week of om de week, en je zult zien dat de centimeters afnemen terwijl jouw weegschaal geen resultaat geeft.

In het volgende artikel ga ik je meer vertellen over de verhouding van calorieën. Tot dan!

 

Mijn naam is Rosella Berghuis en ik woon in Soest. Sinds 2011 heb ik mijn eigen diëtistenpraktijk waarmee ik aan de slag kan met mijn grote passies: voeding en gezondheid.

Ik sta met elke cliënt, elke dag weer voor een uitdaging om dichter bij zijn of haar doelen te komen. Gelukkig hebben we hiervoor bestaande richtlijnen, maar ik vind het belangrijk om ieders individuele wens op een leuke manier haalbaar te maken.

Gezonde voeding is tenslotte voor iedereen anders. Daarom deel ik graag wetenschappelijke feitjes met jullie waarbij ook mijn eigen ervaring en visie om de hoek komt kijken.